Kunstvakken op de schop: SLO presenteert nieuwe vakkenstructuur

Live vanuit een studio presenteerde een werkgroep van SLO op dinsdag 27 september haar conceptadvies over een nieuwe vakkenstructuur voor de kunstvakken in de bovenbouw van het voortgezet onderwijs. Met de nieuwe structuur zal de tweedeling tussen muziek oude en nieuwe stijl eindelijk verdwijnen. Maar wat voor eindexamenvak muziek komt er dan voor in de plaats?

Eind 2021 kreeg curriculumontwikkelaar SLO de opdracht van het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap zich te beraden over de structuur van de kunstvakken in het voortgezet onderwijs. De huidige situatie met verschillende kunstvakken per niveau en zelfs een aantal dubbele examenprogramma’s (zoals muziek oude en nieuwe stijl) is verwarrend en vraagt om een logisch, eenduidig alternatief.

SLO riep hiervoor een werkgroep in het leven onder leiding van Paul Rullmann. De socioloog en voormalig vicevoorzitter van de TU Delft nam hiervoor ook het voorzitterschap van de werkgroep vakkenstructuur wiskunde voor zijn rekening. De overige leden waren twee curriculumontwikkelaars van SLO en een zestal vakexperts die zijn voorgedragen door vakverenigingen VONKC, VNK-e en VLS.

Knelpunten van de huidige situatie

De werkgroep zag in de huidige situatie direct een aantal knelpunten. Zo mist er een duidelijk doorlopende leerlijn en is er nauwelijks samenhang tussen de vakken op verschillende niveaus. De kunstvakken worden op dit moment op verschillende manieren geëxamineerd en onder verschillende benamingen gegeven.

Coen de Leeuwe, bestuurslid bij het LAKS, ziet onder de huidige kunstvakkenstructuur de verwarring bij zijn medeleerlingen: “Oude stijl, nieuwe stijl, tehatex… Waar staat tehatex überhaupt voor?”.

Nieuwe situatie

Om aan die onduidelijkheid een einde te maken kiest de SLO-werkgroep voor een eenduidig vakkenpakket dat op alle niveaus hetzelfde is. Dit vakkenpakket zal dan bestaan uit vijf kunstdisciplines: beeldend, dans, theater (de nieuwe naam voor drama, om zo meer aan te sluiten bij vervolgstudies en het beroepenveld), muziek en – nu ook – film. Film staat al lang op het wensenlijstje van menig leerling en ook binnen de werkgroep werd de toevoeging van deze discipline breed gesteund.

Naast de vrij te kiezen kunstdisciplines wordt CKV op alle niveaus een verplicht en becijferd onderdeel van het schoolexamen, dus ook op het vmbo.

Melissa Bremmer is lector kunsteducatie aan de Amsterdamse Hogeschool voor de Kunsten en werd door de VLS gevraagd zitting te nemen in de werkgroep. Zij ziet met het gelijktrekken van de kunstvakken een positief effect voor de leerling: “Er ontstaat nu een horizontale leerlijn. Wanneer de leerling de vakken op elk niveau doorloopt, ontstaat er echt verdieping en verbreding op het vakgebied.”

Structuur van het kunstvak

En dan de structuur van het kunstvak an sich. Een van de adviezen van de werkgroep is om alle kunstvakken op dezelfde manier op te bouwen. Elk kunstvak bestaat dan uit een praktijk- en een theoriecomponent, waarbij het praktijkdeel geheel vakspecifiek zal zijn. Het theoriedeel zou ten dele vakspecifiek worden, maar bestaat ook nog uit kunstanalyse en het interdisciplinaire ‘kunsten in context’. Het huidige vak kunst (algemeen) wordt dus voor een deel geïntegreerd in alle kunstdisciplines.

Werkgroeplid Joost Overmars zoomt in op de veranderingen voor het vak muziek. Hij legt uit dat er met het plan een soort hybrideversie van muziek nieuwe en oude stijl zal komen. “Waar nieuwe stijl breed is, is oude stijl diep. De goede inhouden van kunst (algemeen) en muziek oude stijl hebben we met deze structuur geprobeerd samen te voegen.”

Minder muziektheorie

Wat opvalt is dat er in de nieuwe structuur hoe dan ook minder ruimte zal zijn voor muziektheorie. Op de vraag of dat te betreuren is, reageert Overmars: “Er zal minder vaktheorie aan bod komen, dat klopt. Maar de theorie die we nu onderwijzen aan havo- en vwo-leerlingen is overladen. We vragen te veel. Dat wordt met deze structuur gelukkig minder.”

Bovendien zal het vaktheoretische deel dat er komt meer gaan aansluiten bij de praktijk. Bremmer: “Een van de uitgangspunten die we vooraf met elkaar hebben geformuleerd is streven naar samenhang tussen praktijk en theorie. Daar voorziet deze nieuwe structuur in.”

In de nieuwe structuur zal elke discipline uit een schoolexamen en centraal examen bestaan. Op de vraag hoe dat examen er dan uit zou moeten zien – wel of geen centraal praktisch examen, bijvoorbeeld – werd aan tafel al volop gediscussieerd, maar het is uiteindelijk aan de nog op te richten vakvernieuwingscommissie om deze en andere inhoud vorm te geven. Op welke termijn die er gaat komen is nog niet bekend, maar één ding is zeker: voor we de nieuwe vakkenstructuur in de klaslokalen gaan zien, zijn we jaren verder.

Op de website van SLO kun je meer lezen over het conceptadvies van de werkgroep vakkenstructuur kunstvakken.

Misschien vind je dit ook interessant

Betaald ouderschap in het vo

Oog voor impuls biedt zzp’ers tegemoetkoming kosten AOV

Teksten en salaristabellen CAO-VO 2022-2023